Informatie over de foto
Foto vergroten

U kent Heidi, steenbokken en St. Moritz? Dan kent u Graubünden al een heel klein beetje. Maar er is veel meer. Het vakantiegebied nr. 1 van Zwitserland heeft 150 dalen, 615 meren en 937 bergtoppen, oplopend tot de 4.049 m hoge Piz Bernina. In Graubünden ontspringt de Rijn, wij hebben het enige Nationale Park van Zwitserland en bezoekers verbazen zich bij Flims over de grootste prehistorische berginstorting van de wereld.

Het met 7.106 km2 grootste kanton van Zwitserland beslaat een zesde van het Zwitserse grondgebied. Het landschap wordt gekenmerkt door bergen, Graubünden is een typisch gebergte- en hoogland. Het spannende hoog en laag heeft ook gevolgen voor het aantal inwoners: Graubünden is het dunst bevolkte kanton van Zwitserland, qua aantal inwoners neemt het de 14e plaats in van de 26 kantons. Wanneer Zwitsers spreken over de „Bündner Alpen“, dan bedoelen ze de berggroepen rondom het gebied van de bron van de Rijn en de Inn.

Hoeksteen van Zwitserland
Graubünden is de zuidoostelijke hoeksteen van Zwitserland en heeft gemeenschappelijke kantongrenzen met het kanton Ticino in het zuidwesten, Uri in het westen en met Glarus en St. Gallen in het oosten. De landsgrens van Zwitserland is met Liechtenstein en met Oostenrijk (Bundeslanden Vorarlberg en Tirol) in het noorden, het Italiaanse Zuid-Tirol in het oosten en Lombardije in het zuiden.

Dat Graubünden een paradijs is voor wintersporters, hebben we natuurlijk te danken aan de geografische omstandigheden. Zo‘n 90% van het grondgebied ligt boven 1.200 m. De hoogst gelegen Bündner gemeente Avers ligt op 1.963 m, het hoogst gelegen en het hele jaar door bewoonde dorp Avers-Juf op 2.126 m. Het laagste ligt San Vittore met 279 m. Het hoogste punt is de Piz Bernina met 4.049 m. De gemiddelde hoogte is 2.100 m. Maar liefst 43% van de Bündner inwoners woont op een hoogte van meer dan 1.000 meter, het Zwitserse gemiddelde is 3,1%.

Rijk aan bos en weideland
Rond 40% van het kantongebied behoort tot de niet-productieve vegetatie. De uitgestrekte weidelanden bedekken ongeveer een kwart van de bodem. Iets meer dan een kwart (26,7%) van de oppervlakte is bos. Slecht 1,8% van de grond kan worden gebruikt voor de landbouw als akker- of weildeland, fruit- of wijnbouw.

Het bekoorlijke berglandschap wordt verlevendigd door talrijke beken, rivieren en meren. Watervallen en bergkloven zoals de Rijn- en Viamalakloof hebben landschappelijk unieke decors geschapen. Het water verlaat Graubünden voornamelijk via de Rijn via de in Graubünden ontspringende rivieren de Vorderrhein en Hinterrhein. Het oosten van het kanton, het Engadin, wordt ontwaterd voor de Inn, die ook in Graubünden ontspringt. Aan de andere kant van de Alpenhoofdkam liggen de naar de Po aflopende en Italiaanstalige Bündner zuidelijke dalen: het Misox met het Calancadal, het Bergell en het Puschlav. Het water van het oostelijke deel van het kanton, het Münsterdal, loopt naar Etsch.

Waar drie waters scheiden
Die drie stroomgebieden van de Noordzee, de Middellandse Zee en de Zwarte Zee treffen zich niet ver van de bron van Inn vlakbij de Lunghin-pas boven Maloja, de driewaterscheiding. Van hier stroomt het water naar drie zeeën: richting noorden de Julia, die via de Rijn naar de Noordzee stroomt, naar het zuiden de Maira, waarvan het water via de Po in de Middellandse Zee komt en naar het oosten de Inn, die in de Donau uitmondt en dan naar de Zwarte Zee stroomt.